Meer info
     

21/03/1804 BW
[Oud] Burgerlijk Wetboek

Artikel 353-14

De adoptant of de adoptanten zijn levensonderhoud verschuldigd aan de geadopteerde en aan diens afstammelingen indien zij behoeftig zijn. [Artikel 203, 203bis en 203quater zijn van overeenkomstige toepassing.]
De geadopteerde en zijn afstammelingen zijn levensonderhoud verschuldigd aan de adoptant of aan de adoptanten, indien zij behoeftig zijn. Indien de geadopteerde zonder afstammelingen sterft, is zijn nalatenschap levensonderhoud verschuldigd aan de adoptant of aan de adoptanten ingeval deze personen ten tijde van het overlijden behoeftig zijn. Artikel [205bis, §§ 3 tot 6], is van toepassing op deze verplichting tot levensonderhoud.
De verplichting tot uitkering van levensonderhoud blijft bestaan tussen de geadopteerde en zijn ouders. Deze laatsten zijn aan de geadopteerde evenwel alleen levensonderhoud verplicht indien hij dit niet kan verkrijgen van de adoptant of adoptanten.
Ingeval een persoon het kind of het adoptief kind van zijn echtgenoot[, van de persoon met wie hij samenwoont of van zijn voormalige partner], adopteert, zijn zowel de adoptant als zijn echtgenoot[, de persoon met wie hij samenwoont of zijn voormalige partner] hem overeenkomstig artikel 203 levensonderhoud verschuldigd.[Artikel 203bis en 203quater zijn van overeenkomstige toepassing.]
Wetshistoriek
Ingevoegd bij art. 2 W. 24 april 2003 (B.S., 16 mei 2003 (derde uitg.)), met ingang van 1 september 2005 (art. 6 K.B. 24 augustus 2005 (B.S., 29 augustus 2005 (tweede uitg.))).
Wetshistoriek
Gewijzigd bij art. 9, 1° en 2° Wet 19 maart 2010 (BS 21 april 2010), met ingang van 1 augustus 2010 (art. 18, lid 1), bij art. 6 Wet 10 december 2012 (BS 11 januari 2013) en bij art. 11 Wet 20 februari 2017 (BS 22 maart 2017 (ed. 1)).
Voorgeschiedenis
Gewijzigd bij art. 242 W. 27 december 2004 (B.S., 31 december 2004 (tweede uitg.)).