14/12/2007 Vlarebo
Besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2007 houdende vaststelling van het Vlaams reglement betreffende de bodemsanering en de bodembescherming
Afdeling I Bodemsaneringsproject
Onderafdeling I Kennisgeving van het bodemsaneringsproject aan de OVAM
Artikel 77
Het bodemsaneringsproject wordt bij de OVAM ingediend via het e-loket van de OVAM, zoals bepaald in de standaardprocedure, vermeld in artikel 47, § 2, van het Bodemdecreet.
Wetshistoriek
Vervangen bij art. 22 B.Vl.Reg. 23 oktober 2015 (BS 3 december 2015 (ed. 1)), met ingang van 1 februari 2016 (art. 50).
Onderafdeling II Inhoud van het bodemsaneringsproject
Artikel 78
Een bodemsaneringsproject bevat minstens de volgende gegevens:
- 1°
- een niet-technische samenvatting van het bodemsaneringsproject;
- 2°
- de volgende identificatiegegevens:
- a)
- de identificatie van de te saneren gronden waarop het bodemsaneringsproject betrekking heeft;
- b)
- de identificatie van de gronden waarop werken noodzakelijk zijn om de bodemsanering uit te voeren, inclusief de coördinaten van hun eigenaar en gebruiker en, indien van toepassing, de coördinaten van de vereniging van mede-eigenaars;
- 3°
- de volgende specifieke informatie in geval van:
- a)
- een gefaseerd bodemsaneringsproject: de motivatie waarom een gefaseerd bodemsaneringsproject wordt opgesteld;
- b)
- aanvullingen op of wijzigingen aan het bodemsaneringsproject: de aanvullingen op of wijzigingen aan het bodemsaneringsproject;
- c)
- een nieuw bodemsaneringsproject: de motivatie waarom een nieuw bodemsaneringsproject wordt opgesteld;
- 4°
- een overzicht van de verontreinigingstoestand en de eventueel uitgevoerde maatregelen en pilootproeven:
- a)
- de resultaten van de relevante [...] oriënterende en beschrijvende bodemonderzoeken, beschrijvende bodemonderzoeken of waterbodemonderzoeken die in voorkomend geval geactualiseerd werden;
- b)
- de resultaten van de andere maatregelen, vermeld in hoofdstuk VI van Titel III van het Bodemdecreet, die in voorkomend geval genomen werden, voor zover die een impact hebben op het bodemsaneringsproject;
- c)
- de resultaten van de pilootproeven die in voorkomend geval werden uitgevoerd;
- 5°
- de volgende informatie over de behandeling van de bodemverontreiniging en de eventuele nazorg:
- a)
- wat de technische mogelijkheden betreft om de bodemverontreiniging te behandelen:
- 1)
- de verschillende technische mogelijkheden om de bodemverontreiniging te behandelen en de resultaten van de eventueel uitgevoerde onderzoeken naar de haalbaarheid van die technische mogelijkheden;
- 2)
- een raming van de kostprijs van die technische mogelijkheden;
- 3)
- een aanduiding van de impact van die technische mogelijkheden op het leefmilieu en van de resultaten waartoe ze zullen leiden, rekening houdend met de bepalingen van artikel 10 of 21 van het Bodemdecreet en met de eventuele beperkingen die ze zullen meebrengen bij het toekomstige gebruik van de verontreinigde gronden;
- 4)
- een afweging van de in overweging genomen relevante technische mogelijkheden om de beste beschikbare techniek voor te stellen overeenkomstig artikel 48;
- b)
- de maatregelen die de opsteller van het bodemsaneringsproject voorstelt te nemen overeenkomstig artikel 10 of 21 van het Bodemdecreet, en de termijnen waarbinnen die maatregelen zullen worden genomen;
- c)
- de verenigbaarheid van het potentiële gebruik van de verontreinigde gronden na bodemsanering met de vigerende of voorlopig vastgelegde bestemming;
- d)
- de beperkingen die tijdens of na de uitvoering van de bodemsanering zullen gelden krachtens artikel 72 van het Bodemdecreet;
- e)
- de wijze waarop de tijdelijk of definitief weggenomen verontreinigende stoffen of delen van de bodem of opstallen zullen worden behandeld of verwerkt;
- f)
- de beschrijving van de maatregelen die zullen worden genomen om zowel de milieuveiligheid als de arbeidsveiligheid te verzekeren bij de uitvoering van de bodemsaneringswerken;
- g)
- de weerslag van de uitvoering van de bodemsaneringswerken op de naburige gronden;
- h)
- de activiteiten op de naburige gronden voor zover die een impact kunnen hebben op de bodemsanering;
- i)
- de eventuele nazorg en de termijn waarvoor die van kracht is;
- 6°
- [de volgende gegevens over eventuele meldings- of vergunningsplichtige inrichtingen, activiteiten of handelingen in het kader van de bodemsaneringswerken:
- a)
- als de uitvoering van de bodemsaneringswerken activiteiten omvat die krachtens titel V van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid of de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 meldings- of vergunningsplichtig zijn: de relevante gegevens over die meldings- of vergunningsplichtige inrichtingen, activiteiten of handelingen;
- b)
- als de uitvoering van de bodemsaneringswerken activiteiten omvat waarvoor met toepassing van artikel 4.3.2, § 2bis, van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid een project-m.e.rscreeningnota moet worden opgesteld: een project-m.e.r.-screeningnota waarin voor de voormelde voorgenomen activiteiten wordt aangegeven of er aanzienlijke effecten voor mens en milieu te verwachten zijn;
- c)
- als de uitvoering van de bodemsaneringswerken activiteiten omvat waarvoor met toepassing van artikel 47bis, § 2, van het Bodemdecreet of artikel 4.3.2, § 1, of § 2, van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid een project-MER moet worden opgesteld: de gegevens, vermeld in artikel 4.3.7, van het voormelde decreet van 5 april 1995;
- d)
- als de uitvoering van de bodemsaneringswerken het exploiteren of het veranderen van een inrichting impliceert waarvoor een omgevingsveiligheidsrapport vereist is krachtens de geldende wetgeving: de relevante gegevens daarover;]
- 7°
- [in voorkomend geval, het gemotiveerde verzoek, vermeld in artikel 52 van het Bodemdecreet.]
Redactionele commentaar
De wijziging van 6°, a) bij art. 621 B.Vl.Reg. 27 november 2015 (BS 23 februari 2016 (ed. 1)) houdt geen rekening met de eerdere, gelijkaardige, wijziging van het artikel bij art. 23 B.Vl.Reg. 23 oktober 2015 (BS 3 december 2015 (ed. 1)).
Wetshistoriek
Enig lid:
- –
- 4°, a) gewijzigd bij art. 32, 1° B.Vl.Reg. 21 september 2018 (BS 17 december 2018), met ingang van 1 april 2019 (art. 80);
- –
- 6° vervangen bij art. 23 B.Vl.Reg. 23 oktober 2015 (BS 3 december 2015 (ed. 1)), met ingang van 1 februari 2016 (art. 50);
- –
- 7° ingevoegd bij art. 32, 2° B.Vl.Reg. 21 september 2018 (BS 17 december 2018), met ingang van 1 april 2019 (art. 80).
Artikel 78/1
Als de persoon die tot bodemsanering overgaat overeenkomstig artikel 47ter, § 2, van het Bodemdecreet, de OVAM verzoekt een advies uit te brengen over de inhoud van de gegevens die het bodemsaneringsproject als gevolg van de verplichting inzake project-MER moet bevatten, raadpleegt de OVAM in dat verband de persoon die tot bodemsanering [overgaat,] de afdeling, bevoegd voor [milieueffectrapportage en de adviesverlenende instanties, vermeld in artikel 83, 1° en 2°, en artikel 84,] voor ze haar advies uitbrengt.
Wetshistoriek
Ingevoegd bij art. 24 B.Vl.Reg. 23 oktober 2015 (BS 3 december 2015 (ed. 1)), met ingang van 1 februari 2016 (art. 50) en gewijzigd bij art. 13, 1° en 2° B.Vl.Reg. 17 februari 2017 (BS 30 maart 2017).
Onderafdeling III Ontvankelijkheid en volledigheid van het bodemsaneringsproject
Artikel 79
Het bodemsaneringsproject is onontvankelijk als de kennisgeving van het bodemsaneringsproject niet conform de bepalingen van artikel 77 is.
Het bodemsaneringsproject is onvolledig als het bodemsaneringsproject niet minstens de gegevens, vermeld in artikel 78, bevat.
Artikel 80
De OVAM onderzoekt de ontvankelijkheid en de volledigheid van het bodemsaneringsproject. Als de OVAM van oordeel is dat het bodemsaneringsproject onontvankelijk of onvolledig is[, of als het bodemsaneringsproject van rechtswege onvolledig is], stelt ze de opdrachtgever van het bodemsaneringsproject in kennis van die beslissing binnen een termijn van veertien dagen na ontvangst van het bodemsaneringsproject.
Wetshistoriek
Gewijzigd bij art. 25 B.Vl.Reg. 23 oktober 2015 (BS 3 december 2015 (ed. 1)), met ingang van 1 februari 2016 (art. 50).
Onderafdeling IV Kennisgeving door de OVAM van de indiening van een ontvankelijk en volledig bodemsaneringsproject
Artikel 81
De OVAM brengt de eigenaars en gebruikers van de gronden waarop werken noodzakelijk zijn om de verdere bodemsanering uit te voeren binnen een termijn van veertien dagen na ontvangst van het bodemsaneringsproject op de hoogte dat een ontvankelijk en volledig bodemsaneringsproject bij de OVAM werd ingediend.
In de kennisgeving vermeldt de OVAM dat ze de mogelijkheid hebben om:
- 1°
- kennis te nemen van het bodemsaneringsproject op de zetel van de OVAM, en bij de diensten van de gemeente als de bodemsaneringswerken inrichtingen omvatten die vergunningsplichtig zijn krachtens het [decreet betreffende de omgevingsvergunning];
- 2°
- bezwaren of opmerkingen op het bodemsaneringsproject bij [...] brief aan de OVAM mee te delen binnen een termijn van [dertig] dagen na ontvangst van die kennisgeving.
Als de grond waarop werken noodzakelijk zijn om de verdere bodemsanering uit te voeren een mede-eigendom als vermeld in artikel 577-3 van het Burgerlijk Wetboek betreft, doet de OVAM de kennisgeving, in afwijking van het eerste lid, alleen aan de vereniging van mede-eigenaars. De vereniging van mede-eigenaars brengt de eigenaars en gebruikers van die mede-eigendom op de hoogte van de kennisgeving van de OVAM binnen een termijn van tien dagen na ontvangst ervan.
Wetshistoriek
Lid 2:
- –
- 1° gewijzigd bij art. 622 B.Vl.Reg. 27 november 2015 (BS 23 februari 2016 (ed. 1)), met ingang van 23 februari 2017 (art. 798);
- –
- 2° gewijzigd bij art. 26 B.Vl.Reg. 23 oktober 2015 (BS 3 december 2015 (ed. 1)), met ingang van 1 februari 2016 (art. 50) en bij art. 33 B.Vl.Reg. 21 september 2018 (BS 17 december 2018), met ingang van 1 april 2019 (art. 80).
Artikel 82
De kennisgevingsverplichting, vermeld in artikel 81, geldt niet ten aanzien van de eigenaars en gebruikers waarvan het gedagtekende en ondertekende akkoord of de gedagtekende en ondertekende bezwaren of opmerkingen opgenomen zijn in het bodemsaneringsproject.
Onderafdeling V Openbaar onderzoek en advies
Artikel 83
Als het bodemsaneringsproject [de exploitatie van ingedeelde inrichtingen omvat die overeenkomstig artikel 6, eerste lid, van het decreet betreffende de omgevingsvergunning] vergunningsplichtig zijn, legt de OVAM het ontvankelijke en volledige bodemsaneringsproject binnen een termijn van veertien dagen na ontvangst ervan voor advies voor aan de volgende instanties:
- 1°
- het college van burgemeester en schepenen van de gemeente waar de gronden gelegen zijn waarop de vergunningsplichtige inrichtingen worden gevestigd;
- 2°
- [de andere overheidsorganen die krachtens artikel 37 van het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning aangewezen zijn om advies uit te brengen over een omgevingsvergunningsaanvraag voor die inrichtingen, met uitzondering van de OVAM.]
Wetshistoriek
Enig lid:
- –
- inleidende bepaling gewijzigd bij art. 70, 1° B.Vl.Reg. 10 februari 2017 (BS 23 februari 2017 (ed. 3)), met ingang van 23 februari 2017 (art. 176);
- –
- 2° vervangen art. 70, 2° B.Vl.Reg. 10 februari 2017 (BS 23 februari 2017 (ed. 3)), met ingang van 23 februari 2017 (art. 176).
Voorgeschiedenis
Enig lid:
- –
- inleidende bepaling gewijzigd bij art. 623, 1° B.Vl.Reg. 27 november 2015 (BS 23 februari 2016 (ed. 1)), met ingang van 23 februari 2017 (art. 798), zelf opgeheven bij art. 167, 15° B.Vl.Reg. 10 februari 2017 (BS 23 februari 2017 (ed. 3));
- –
- 2° vervangen bij art. 623, 2° B.Vl.Reg. 27 november 2015 (BS 23 februari 2016 (ed. 1)), met ingang van 23 februari 2017 (art. 798), zelf opgeheven bij art. 167, 15° B.Vl.Reg. 10 februari 2017 (BS 23 februari 2017 (ed. 3)).
Artikel 84
Als het bodemsaneringsproject stedenbouwkundige handelingen omvat die overeenkomstig artikel 4.2.1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening vergunningsplichtig zijn, legt de OVAM het ontvankelijke en volledige bodemsaneringsproject binnen een termijn van veertien dagen na ontvangst ervan voor advies voor aan de gewestelijke omgevingsambtenaar.
Wetshistoriek
Vervangen bij art. 71 B.Vl.Reg. 10 februari 2017 (BS 23 februari 2017 (ed. 3)), met ingang van 23 februari 2017 (art. 176).
Artikel 85
Als het bodemsaneringsproject werken omvat waarvoor een project-MER vereist is, legt de OVAM het ontvankelijke en volledige bodemsaneringsproject binnen een termijn van veertien dagen na ontvangst ervan voor advies voor aan de afdeling, bevoegd voor milieueffectrapportage.
Als het bodemsaneringsproject werken omvat waarvoor een omgevingsveiligheidsrapport vereist is, legt de OVAM het ontvankelijke en volledige bodemsaneringsproject binnen een termijn van veertien dagen na ontvangst ervan voor advies voor aan de afdeling, bevoegd voor veiligheidsrapportage.
Wetshistoriek
Vervangen bij art. 27 B.Vl.Reg. 23 oktober 2015 (BS 3 december 2015 (ed. 1)), met ingang van 1 februari 2016 (art. 50).
Artikel 86
In de gevallen, vermeld in artikel 83 tot en met 85, bezorgt de OVAM binnen een termijn van veertien dagen na ontvangst ervan het bodemsaneringsproject aan het college van burgemeester en schepenen van de gemeente waar de gronden gelegen zijn waarop de vergunningsplichtige inrichtingen of werken gevestigd zijn of uitgevoerd worden, en waarop werken worden uitgevoerd waarvoor [een project-MER of een omgevingsveiligheidsrapport] vereist is.
Binnen een termijn van tien dagen na ontvangst ervan maakt de burgemeester het bodemsaneringsproject gedurende dertig dagen bekend door aanplakking van een bericht op de plaats waar de bodemsaneringswerken gepland zijn en op de plaatsen die gereserveerd zijn voor de officiële berichten van bekendmaking. Gedurende diezelfde periode van dertig dagen legt hij het bodemsaneringsproject ter inzage bij de diensten van het gemeentebestuur. Tijdens die periode van bekendmaking kan iedereen schriftelijk bezwaren en opmerkingen richten aan het college van burgemeester en schepenen. Na afloop van de periode van bekendmaking maakt de burgemeester een proces-verbaal op over de ingediende bezwaren en opmerkingen. Uiterlijk vijftig dagen na ontvangst van het bodemsaneringsproject wordt het proces-verbaal aan de OVAM bezorgd. [Als het bodemsaneringsproject werken omvat waarvoor een project-MER vereist is, kan het bodemsaneringsproject gedurende diezelfde periode van dertig dagen ook digitaal geraadpleegd worden op de website van de OVAM.]
De adviesverlenende instanties, vermeld in artikel 83[, 84 en 85, tweede lid], verlenen hun advies over het bodemsaneringsproject aan de OVAM uiterlijk vijftig dagen na ontvangst van het bodemsaneringsproject. Bij gebrek aan advies binnen die termijn wordt aangenomen dat een gunstig advies werd uitgebracht en kan de procedure worden voortgezet.
[Als het bodemsaneringsproject werken omvat waarvoor een project-MER vereist is, bezorgt de OVAM uiterlijk tachtig dagen na de ontvangst van het bodemsaneringsproject het proces-verbaal, vermeld in het tweede lid, en de adviezen, vermeld in het derde lid, aan de afdeling, bevoegd voor milieueffectrapportage. Uiterlijk honderdtwintig dagen na de ontvangst van het bodemsaneringsproject verleent de afdeling, bevoegd voor milieueffectrapportage, haar advies over het bodemsaneringsproject aan de OVAM. Bij gebrek aan advies binnen die termijn wordt aangenomen dat een gunstig advies is uitgebracht en kan de procedure worden voortgezet.]
Wetshistoriek
Gewijzigd bij art. 28 B.Vl.Reg. 23 oktober 2015 (BS 3 december 2015 (ed. 1)), met ingang van 1 februari 2016 (art. 50), bij art. 14 B.Vl.Reg. 17 februari 2017 (BS 30 maart 2017) en bij art. 34, 1° en 2° B.Vl.Reg. 21 september 2018 (BS 17 december 2018), met ingang van 1 april 2019 (art. 80).
Onderafdeling VI Conformverklaring van het bodemsaneringsproject
Artikel 87
Overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet spreekt de OVAM zich uit over de conformiteit van het bodemsaneringsproject met de vereisten van [artikel 47 tot en met 48] van het Bodemdecreet, en met de procedure, vastgesteld krachtens artikel 49 van het Bodemdecreet.
Wetshistoriek
Gewijzigd bij art. 35 B.Vl.Reg. 21 september 2018 (BS 17 december 2018), met ingang van 1 april 2019 (art. 80).
Artikel 88
§ 1
Als de OVAM van oordeel is dat het bodemsaneringsproject conform [de vereisten van artikel 47 tot en met 48 van het Bodemdecreet] werd opgesteld en de procedure, vermeld in artikel 49 van het Bodemdecreet, werd nageleefd, levert ze een conformiteitsattest af voor het bodemsaneringsproject.
Met behoud van de mogelijkheid van de OVAM om wijzigingen of aanvullingen op te leggen, kan de OVAM eenzijdig aanvullingen of bijzondere voorwaarden in het conformiteitsattest van het bodemsaneringsproject opnemen.
§ 2 [
De OVAM brengt het conformiteitsattest van het bodemsaneringsproject ter kennis van de volgende personen of instanties:
- 1°
- de saneringsplichtige;
- 2°
- de opdrachtgever van het bodemsaneringsproject;
- 3°
- de eigenaars en gebruikers van gronden waarop werken zullen plaatsvinden die noodzakelijk zijn om de bodemsanering uit te voeren;
- 4°
- het college van burgemeester en schepenen van de gemeente waar de gronden gelegen zijn waarop de bodemsaneringswerken zullen worden uitgevoerd;
- 5°
- de andere overheidsorganen, vermeld in artikel 83 tot en met 85, die advies hebben uitgebracht;
- 6°
- de Vlaamse administratie bevoegd voor milieu-inspectie.
Op bevel van de burgemeester wordt het conformiteitsattest binnen een termijn van tien dagen na de ontvangst ervan bekendgemaakt door aanplakking van een bericht op de plaats waar de bodemsaneringswerken gepland zijn, alsook op de plaatsen die voorbehouden zijn voor de officiële berichten van bekendmaking, en gedurende dertig dagen ter inzage gelegd bij de diensten van het gemeentebestuur.
]
Wetshistoriek
§ 1 gewijzigd bij art. 29, 1° B.Vl.Reg. 23 oktober 2015 (BS 3 december 2015 (ed. 1)), met ingang van 1 februari 2016 (art. 50).
§ 2 vervangen bij art. 29, 2° B.Vl.Reg. 23 oktober 2015 (BS 3 december 2015 (ed. 1)), met ingang van 1 februari 2016 (art. 50).
Artikel 89
§ 1
Als de OVAM van oordeel is dat het bodemsaneringsproject niet conform de vereisten van [artikel 47 tot en met 48] van het Bodemdecreet werd opgesteld, en de procedure, vermeld in artikel 49 van het Bodemdecreet, niet werd nageleefd, legt ze aanvullingen op of wijzigingen aan het bodemsaneringsproject op.
Als de OVAM aanvullingen of wijzigingen oplegt, kan ze een termijn bepalen waarbinnen het aangepaste bodemsaneringsproject aan de OVAM moet worden bezorgd. Het aangepast bodemsaneringsproject wordt aan de OVAM bezorgd op dezelfde wijze als vermeld in artikel 77 van dit besluit.
§ 2
De OVAM stelt de opdrachtgever van het bodemsaneringsproject in kennis van de beslissing over het opleggen van aanvullingen op of wijzigingen aan het bodemsaneringsproject.
Wetshistoriek
§ 1 gewijzigd bij art. 36 B.Vl.Reg. 21 september 2018 (BS 17 december 2018), met ingang van 1 april 2019 (art. 80).